 | | Filosofische Praktijk Rotterdam |
| | |
|
| | Voor consultatie & advies |
|
|
 | |
In July 2009 I visited Osaka University and conducted what might be the first master course on philosophical practice in Japan. Focus was on consultation. By training participants in the art of questioning, the art of interpreting and the art of understanding, coming to a full circle in a philosophical consultation, the course aimed at a philosophical life style. This life style has more of a wandering, like in philosophical city walks, than of a rational plan. Critical thinking and philosophical experience are its building blocks.
Philosophical practice suits well into Japanese society. Imagine an atmosphere like in ancient Greece. A lot of schools, religious mostly, next to each other, within an eclectic context. This offers opportunities for a school offering critical thinking as a was of life in stead of religion, just like the schools of Plato, Stoics or Epicures could flourish in the old days. Beside this Japanese religious schools are very eclectic. It offers a place for critical thinking and philosophical practice. Also important lessons can be learned here how to deal with fundamentalism. Philosophical practice in Japan certainly holds a promise for the future.
Important themes in consultation were sense of purpose, meaning of life and diversity. Values that offer a challenge to modern societies and important to work on in philosophical practice. The merge into a quality of life with longevity, high aesthetics and moral value.
Socratic dialogue is already in vogue in Japan. It is used to bridge the gap between universities and society. For example, meetings on science are structured by the principles of Socratic dialogue. Consultation will follow.
Japan has a history of imitating. Since Mejii science from the West, since 800 BC Boeddhism from the East, and there is something mysterious in this imitations. By copying the copy often become better than the original. That is the force of Japan. Maybe it is due to the Zen attitude, the attention for style and the concentration on life. Anyway, it is something that may happen to philosophical practice too. Japan learns fast and improves it in many ways.
During my stay, I encountered the idea of am Asian network for philosophical practice. Japan, Thailand, Malaysia, and South Korea are involved. Critical thinking is the denominator for its activities. It is underpinned by a study of intercultural differences in critical thinking, and gender differences in consultation. These offer opportunities to improve philosophical counselling. The network will present itself and the results of these studies in December 2009 in Bangkok, Thailand, next position itself and then probably will be at the Xth ICPP, Leusden, The Netherlands, summer 2010.
|
| Gisteren ving ik in de trein een gesprek op. Twee meisjes, studentes vermoed ik, spraken over een opdracht die zij hadden gekregen. Als jong lid van een studentenvereniging gebeurd dat soms. Zij waren naar een verzorgingshuis gestuurd en hadden er bloemen aan de bewoners uit moeten delen. De meisjes spraken over de zin van deze opdracht. Zij hadden die niet goed begrepen en twijfelden over de zin ervan. Een der goede werken? Maar wat was dan het nut ervan? Soms vang je een gesprek op en stoort het. Je probeert het uit je innerlijke ruimte te bannen. Maar dit gesprek vond ik interessant. Het deed mij namelijk denken aan de Diamant Sutra, een verhaal uit de Zen traditie. Het gaat zo. Eens was er een menigte verzameld om de Buddha te horen spreken over de leer. De menigte was groot en daarom verzamelde men zich bij de berg Grdrakutra. De opwinding was ook groot. De meester zou zo spreken. De hang naar wijsheid zou worden vervuld. Aanwijzingen voor het goede leven zouden worden verkregen. Siddharta verscheen. Hij zweeg en toonde de menigte een bloem. De menigte sidderte. Iedereen was stil, sprakeloos en verbaasd. Alleen meester Kashyapa glimlachte. Hij had het gebaar begrepen. Soms zijn er dingen die niet gezegd, maar slechts getoond kunnen worden. De bloem, ongetwijfeld een lotus bloem, symboliseerde de essentie van een leer. Alles wordt geboren, groeit, bloeit, verwelkt en sterft. We zijn onderworpen aan deze wet van de verandering. Tegelijkertijd is dit een immer aanwezig proces en in die zin onveranderlijk. De ware geest ziet dit en glimlacht. Niets anders dan een bloem kan zo expressief de zuiverheid, onschuld en alomvattendheid van het zijn weergeven. Een bloem bezit een aangeboren vitaliteit. Een bloem richt zich op de zon, groeit en bloeit in schoonheid. Een bloem dient, functioneel, de bijen met stuifmeel, en de mens met zijn schoonheid door er simpelweg te zijn. En als de tijd gekomen is laat de bloem zijn blaadjes vallen, verwelkt, verschrompelt en verdwijnt. Er is geen strijd, geen verzet. De bloem is. Wanneer het bewustzijn van deze wetmatigheid des levens een glimlach met zich meebrengt, is het leven begrepen. Een bloem kan dus veel zeggen. Daarom is ook het uitdelen van bloemen een belangrijk symbool. Zouden de mensen in de verzorgingshuizen hebben geglimlacht?
|
“Eens toen de door de Wereld Geëerde op de aasgier piek van de Grdkrakutaberg zat, hield hij voor de verzamelde monniken een bloem omhoog. Allen zwegen. Alleen de eerwaarde Kashyapa begon te glimlachen. De door de Wereld Geëerde zei: “Hier heb ik het al-doordringende oog van de ware dharma, het geheime hart van het onvergelijkbare nirwana, het ware aangezicht van de vormeloze vorm. Dit is niet van letters afhankelijk en wordt buiten de geschriften doorgegeven. Ik geef dit nu aan Mahakashyapa door.”
De poortloze barriëre, voorbeeld 6.
|
De Filosofische Praktijk Rotterdam
*** Sinds 1 IX 2007 ***
Het jaar 2008 is ten einde. Het was een (druk) jaar waarin de Filosofische Praktijk Rotterdam een diversiteit aan activiteiten ontplooide. Hoogtepunten waren ongetwijfeld het bezoek aan Japan en de IXe ICPP te Carloforte. Het was fijn er onder filosofen en filosoferenden te zijn. Verder wisten in 2008 meer en meer personen hun weg naar de praktijk te vinden voor individuele consultaties over zingevingsvraagstukken, stuk voor stuk betrof het ontmoetingen met boeiende personen en hun worsteling met het leven. Gaarne wil ik dan ook langs deze weg ik hiervan verslag doen van de activiteiten van de Filosofische Praktijk Rotterdam in 2008 en een korte vooruitblik op 2009 geven.
In het jaar 2008 werden de volgende activiteiten ontplooid:
Individuele consultaties over een diversiteit aan onderwerpen en op verschillende door de gasten zelf gekozen locaties. Korte, vaak eenmalige consultaties wisselden zich af met wat meer langduriger coachingstrajecten. Gemikt wordt op levenskunst. Hierover werden ook teksten bestudeerd.
Filosofische stadswandelingen door Rotterdam. Tijdens deze wandelingen wordt nagedacht aan de hand van de interactie met welgekozen plaatsen in de stad. De stadswandeling is een metafoor voor het moderne leven. Doel is het denken te verdiepen. Een toegenomen bewustzijn voor de omgeving en de verhalen die de stad ons vertelt gaat daarbij. Een artikel over de achtergrond van dit soort filosofische praktijk werd ingediend (en geaccepteerd) voor het IIe congres over architectuur en fenomenologie, Kyoto Japan 2009.
Cursus. Tijdens mijn bezoek aan Japan en vanuit het Erasmus Institute for Philosophical Practice gaf ik onderwijs en training in filosofische consultatie. Verder werd een cursus over persoonlijkheden in de filosofische praktijk verzorgd.
Lezingen. Voor de Universiteit Leiden werd een lezing gehouden over het verschijnsel filosofische praktijk.
Studie. Een bestudering van Schopenhauer's "Welt als Wille und Vorstellung" toonde het uitermate bruikbaar in de filosofische praktijk. Zo ook het begrip "sfeer" van Heidegger.
In maart 2008 werd een bezoek gebracht aan Japan. Ik heb er een lezing gehouden over de kwaliteitsborging in het voortgezet onderwijs in relatie tot "Bildung", en diverse workshops verzorgd, onder meer over de socratische houding en over authenticiteit.
In juli 2008 werd het IXe International Congres on Philosophical Practice bezocht te Carloforte, Italië. Ik heb er een lezing gehouden over de competenties van de filosofisch consulent en een workshop verzorgd over de socratische houding.
In augustus 2008 werd een bezoek gebracht aan de Franse filosoof Oscar Brenifier. In diens verblijf te La Chapelle St Andre (Burgundy, Frankrijk) werd getraind in consultatie en socratische workshop, onder meer over “filosofisch leven”.
In december 2008 bracht Oscar Brenifier een bezoek aan de Filosofische Praktijk Rotterdam. Hij verzorgde er een aantal consultaties.
Verder werd in het jaar 2008 de functie vervuld van secretaris voor de Vereniging voor Filosofische Praktijk (VFP). In dat verband werd in april onder meer een bezoek gebracht aan Reutlingen (midden Duitsland) alwaar de Internationale Geselschaft fur Philosophische Praxis (IGGP) met een feestelijke bijeenkomst haar 25 jarig bestaan vierde. Ik bracht de felicitaties over van de VFP en verzorgde er een korte bijdrage over de vraag als uitkomst van het filosofisch consult. Binnen de VFP werkte ik onder meer aan de wijziging van de statuten en het opstellen van een huishoudelijk reglement. Voor het blad filosofie werd een aantal maal verslag gedaan van deze activiteiten.
Plannen. Voor 2009 staat onder meer een bezoek aan Japan op het programma. Ik ben er gevraagd een integrale cursus introductie in de filosofische praktijk te verzorgen voor de universiteiten van Osaka en Kyoto. In augustus ga ik filosofisch wandelen met Ann Meskens (ISVW, Leusden). Verder kunt u natuurlijk weer bij me terecht voor individuele consultatie over levensproblemen of zingevingsvraagstukken. Laat de kredietcrisis u niet weerhouden! Een goed filosofisch gesprek vindt altijd zijn weg.
Peter Harteloh, 2 Januari 2009
|
Socratisch gesprek van Oscar Brenifier met Peter Harteloh, Rotterdam, 17-12-2008
Op woendag 17 december bezocht Oscar Brenifier de Filosofische Praktijk Rotterdam. Er vond een aantal filosofische consultaties plaats in de radicaal bevragende, Socratische stijl die hij hanteert. Een der aanwezigen schreef een impressie.
Tijdens een socratisch gesprek is duidelijk wie een vraag stelt, en wie antwoordt. Tijdens gezellige gesprekken is er dikwijls een vragensteller die tegelijkertijd een overtuiging neerzet. (Is het niet zo dat? Zie ik het goed dat? Waarom deed jij eigenlijk dat? –bedoeld is: ik vond het fout wat je daar deed-). Een gezellig gesprek leidt dan ook vaak tot een vervelend debat waarbij beurtelings twee partijen hun overtuiging uitspreken. Tijdens het socratisch gesprek brengt de verteller één centrale vraag in; welke wordt overgenomen door de vrager. Het blijkt duidelijk dat een rolscheiding tussen vragensteller en verteller (beantwoorder) meer rust en respect in de ruimte brengt. Twee voorbeelden volgen hierna. Een tweede conclusie is dat het concept “spanningsveld” zeer belangrijk is. De vragensteller maakt veel gebruik van twee keuzemogelijkheden waardoor de verteller gedwongen wordt om een spanningsveld te ervaren. De nuancering volgt pas na het antwoord op het dilemma. Het blijkt dan dat ieder mens een eigen spanningsveld(en) heeft. Ook iedere cultuur heeft zijn eigen spanningsveld(en).
Voorbeeld
Peter’s vraag was: Why is it so difficult to lead a philosophical life?
De moeilijkheden die door Peter naar voren worden gebracht: confusion, abstraction, frustration, logic, rigidity.
Het spanningsveld voor Peter bleek tussen Abstractie en Concrete ervaring te liggen.
Tijdens het gesprek werd dit verduidelijkt a.h.v. de vraag: Is een steen levend? Deze bleek moeizaam te beantwoorden. De vraag “Is het universum levend” leverde meer inzicht op. In de vraag van Peter zit immers het concept “leven”. Het blijkt dat Peter een concreet beeld heeft van leven terwijl het een abstract concept is. In de vraag van Peter ligt zodoende het spanningsveld besloten tussen Abstracties en Concrete dingen of ervaringen. Wanneer je je bewust bent van dit spanningsveld is het niet verbazend dat er problemen onstaan met logica, dat verwarring optreedt en frustratie omdat de vraag na een uur praten niet volledig beantwoord lijkt te zijn. Een volledig antwoord bestaat immers alleen in een heldere (homogene) situatie zonder een spanningsveld. Uitermate boeiend! Jarenlang probeer ik ook het concept “leven” te definiëren. Noodzakelijke voorwaarde voor “leven” lijkt nu het bestaan van spanningsvelden te zijn.
|
*** MANIFESTO ***
Philosophical life means:
Socratic attitude - practice the “not knowing” -
Love for Essence
Live intensively – against superficial culture - (Socrates)
Radical thinking – against popular meaning - (Augustine)
Cultivate the longing (Schopenhauer)
Stand on the other side of morality (Nietzsche)
Being-different (Heidegger)
Making choices (Sartre)
Philosophical Practice - unity of thinking and action -
Just like Boeddha, Plato, Christ, Descartes, Cassanova, de Sade, Joseph Beuys, Nelson Mandela, Gerd Achenbach, OscarBrenifier, Mohammed Atta, the man living in the blue box, and many others....
Live Philosophical? You?
Yes, we can………………….…………………………..
Visit the philosophical practice of Rotterdam….
“An encounter”
Peter Harteloh - being a philosopher
***
|
*** MANIFEST ***
Filosofisch leven betekent:
Socratische houding - het “niet weten” - cultiveren
Essenties beminnen
Intens leven - tegen de oppervlakkigheid - (Socrates)
Radicaal denken - tegen de schijn - (Augustinus)
Het streven koesteren (Schopenhauer)
Boven de moraal staan (Nietzsche)
Anders-zijn (Heidegger)
Keuzen maken (Sartre)
Filosofie beoefenen - eenheid van denken/handelen -
Net als Boeddha, Plato, Christus, Descartes, Cassanova, Markies de Sade, Joseph Beuys, Nelson Mandela, Gerd Achenbach, OscarBrenifier, de man wonend in de blauwe doos, de visboer te Carloforte, e.v.a.
Filosofisch leven? U ook?
Yes, we can………………….…………………………..
De filosofische praktijk Rotterdam coacht u erbij….(voor het geval dat!)
De filosofische praktijk “Een ont-moeting”
Peter Harteloh - filosoof zijnde
***
|
Aforisme I.
De kwaliteit van betekenisverlening kan in de geneeskunde aanmerkelijk worden verbeterd wanneer interpretatie van een klacht niet meer plaatsvindt in het mechanistische jargon van materie, oorzaak en beweging, maar in termen van een metafoor die het reflexief bewustzijn bevordert.
|
Thinking in the city
Architects have ideas about the influence of a building on its inhabitants. For example, postmodern architecture is supposed to make the inhabitants struggle with their working or living environment in order to stimulate thoughts about the constructive element of life. Modernist buildings tend to order and clear up the thoughts of its inhabitants. Classical architecture is designed to seduce or impress people and to make them think of a higher order. So in architecture the relationship between thinking and artifacts is important. There is much speculation on this, but there is no fixed method or clear idea on grounding these ideas in experience. We developed a city walk as a form of philosophical practice in order to address this problem.
Philosophical practice is an emerging paradigm. It originated in the late 1970-s from critic on academic philosophy or psychotherapy. With a social utility in mind, philosophers started counseling aimed at individuals, groups and organizations. Its main purpose is to make people think in order that being becomes manifest. In this way philosophical practice is reflecting Descartes’ famous “I think, therefore I am”. Now, Edmund Husserl criticized Descartes in a fundamental way when he noticed that “thinking” as such is not possible. We always think of a house, of a wife, of a lover, etc. We always think of something. In this way, Husserl revealed the intentional structure of consciousness. Thinking about something, also involves thinking about architectural objects. Being in a modern city fills our mind with men made objects which influence our thoughts and thinking. The nature of this relationship between thinking and architecture is to be explored. A city walk is an adoptation of philosophical practice to this critique of Husserl on Descartes, e.g. to the intentional structure of consciousness and the social nature of thinking.
During a city walk through Rotterdam, a city well known for its modern architecture, we will show how places visited, serve as a tool to make people think by entering into a dialogue between themselves and architectural objects. We focus, problematize and conceptualize thoughts during group discussion. Participants end the tour with a philosophical articulation of their experience. Therefore, we think city walks as a form of philosophical practice are suitable for grounding ideas about the relationship between thinking and architecture in experience.
As a tribute to a great pratical philosopher, Erasmus, who was born in Rotterdam, I invite you to a philosophical walk through town. We will visit four places and connect them with thought: first, the Pilgrim father church of Delfshaven, where the Pilgrim fathers left for America, a place to contemplate the relationship between individual concience and the state; second the age old statute of Erasmus in the centre or Rotterdam, a hallmark to contemplation of the humen being as such, third an example of mordern architecture, the HAL (Holland America Line) where many people left for the USA via the harbour of Rotterdam in the 19-20th century, to contemplate the relationship between human being and structure/order; and fourth we visit an example of post modern architecture to contemplate the self in the confusing modern times. We will visit the places and focus on the relationship between thought and place. The city of Rotterdam is very suitable for this. Because Rotterdam has been bombed in WO II it doesn't contain many old buildings anymore, and therefore thoughts prevail. Rotterdam is a modern city with a fascinating architecture. Men has been rebuilding its past in the future. We will read text fragments of philosophers at the places mentioned, try to make you think, to be conscious, and make you leave with an unforgetable experience of Rotterdam.
|
From 16-19 July 2008 I attended the IXth International Conference on Philosophical Practice at Carloforte Sardinia/Italy. Theme was philosophical practice and philosophical life. There were inspiring lectures of Neri Pollastri (On philosophical life as a reason for philosophical practice), Petra von Morstein (On freedom and method in philosophical practice), Anders Lindseth (On living experience in philosophical practice) and Ran Lahav (On wisdom and philosophical practice), and many workshops with demonstrations of or elaborations on philosophical practice as a way of life.
I moderated a part of the closing session in which I asked the participants to summarize their impressions in a short sentence. This apeared to be a hard exercise for philosophers, used to elaborate on topics. Some bluntly refused the exercise. However, Descartes or Wittgenstein could summarize the core of their thinking in short statements, and also in consultation I think summarizing is an important competence of a counselor. The brainstorm evolved anyhow, and the impression emerged that philosophical practice is a philosophical life. It is not to be seen as a means to an end, but as a way to exemplify a philosophical life in interacting with the visitors of a practice, groups or society. Some fine examples of this were given for instance by Willi Fillinger from Switzerland in a presentation of his practice, but also in demonstrations of consultations by Oscar Brenifier and Neri Pollastri. In elaborations on the philosophical practice attempts were made to define the experience or the different forms of it. The concept of a philosophical community is important in this. The conference as such is a place to meet and exchange experiences. What experience lies behind or even in philosophical practice? This theme will be picked up in the next international conference on philosophical practice, hosted by the Dutch Association for Philosophical Practice. It is planned in 2010 in The Netherlands. I am looking forward to it.
Peter Harteloh, Ph.D.
Philosophical counselor
Rotterdam, The Netherlands.
|
At the IXth International Conference on Philosophical Practice in Carloforte (Italy, july 2008), it was decided to hold the Xth International Conference on Philosophical Practice in The Netherlands in 2010.
Motivation: Why another international conference on philosophical practice? In december 2009 the VFP will celebrate its 20th anniversary. This anniversary is an occasion for refelction on the nature of philosophical practice. Often, this nature is stated in terms of thought or thinking. However, in the Dutch tradition of philosophical practice, the use of experience is highly valued, both in individual philosophical counseling and coaching, in working with groups, and in advising organisations. We want to explore this theme in an international conference as an impuls for philosophical practice.
Central question: What is the meaning of experience (Erfahrung) in philosophical practice? E.g. How do we work with experience in the various forms of philosophical practice? Which experiences turn the meeting of a practitioner and a client into a philosophical consultation? How can practitioners use a dialogue or didactics to create a philosophical experience of clients?
Goal and aim: We want this conference to show the various ways of working with experiences. The conference is about the role of the client's experiences in the encounters and dialogues, about the role of the practitioner’s experiences during consultations, and about the role of philosophical experience as such, for example the aporia, in consultation. We aim at keeping the conference as practical as possible. Practical philosophers will be asked to show their activities and to share experiences with participants of the conference. We will start from experience. In group and plenary sessions we will elaborate on these experiences in order to deepen the theory of philosophical practice, for example by relating experiences to the work of philosophers, such as Socrates, Nietzsche, etc. The conference will provide (discussions about) demonstrations of:
1. Philosophical experience in personal and group consulting, Socratic dialogue, didactics, education, trainings, city walks, etc.
2. The client's/participator's experience as vehicle and/or target of philosophical counseling
3. Criticism of the use of experiences in philosophical counseling
Topics: Demonstrations, workshops and theoretical reflection. We will:
- Explore the nature of philosophical experience (Erfahrung) in different forms of philosophical practice (dialogue, didactics, coaching)
- Discuss lessons learned from counseling, Socratic dialogue, philosophy in organisations, philosophy with kids in terms of experience
- Elaborate on the natural learning and experience in education and training
- Relate experience and the philosophical biography to everyday life (art of living)
Participants: philosophical counselors and coaches, Socratic (dialogue) facilitators, philosophical advisors/consultants, teachers, persons involved in philosophy.
Organized by:
- The Dutch Association for Philosophical Practice (VFP)
- International School of Philosophy (ISVW, Leusden)
Place: The Netherlands, Leusden, ISVW (International School of Philosophy). The ISVW is a conference hotel situated in the woods near Utrecht, in the middle of the Netherlands, easy reached by car, train or airplane. It accomodated the IInd ICPP in 1996.
Time: August 2010.
Enquiries: Reinskje Talhout (info@filosofischconsulent.nl) Dutch Association for Philosophical Practice (VFP), secretary of the organizing committee, or at the VFP website www.verenigingfilosofischepraktijk.nl.
The Dutch Association for Philosophical Practice (VFP): is a professional organisation of philosophical practitioners since 1989, counting 132 members from Holland and Flanders of which 55 hold a philosophical practice. Our members are involved in individual counseling and coaching, Socratic dialogue, education and training, organisational advice and philosophy with kids. Professionalism and modernization are key words to characterize our policy. We facilitate trainings, have initiated certification of philosophical counselors and Socratic facilitators, starting up a registration of practitioners, and explore the different aspects of philosophical practice regularly in meetings for both members and non members.
|
Van 16-20 juli 2008 zal ik deelnemen aan de IXe International Conference on Philosophical Practice te Carloforte, Sardinie, Italie. Zie www.carloforte2008.eu. Ik zal er een workshop verzorgen en een lezing geven. De abstract van de workshop treft u hieronder. Een nederlandse versie verzorg ik op verzoek.
The Socratic attitude in philosophical counseling
P.P.M. Harteloh, Ph.D.
Philosophical Counselor, Rotterdam, The Netherlands
Workshop: 90 minutes, 12 participants, language: English
Socrates is an important example for philosophical counseling. His way of questioning, his dialogue with the inhabitants of Athens, and his way of life inspire or even guide our work with guests or clients in philosophical practice. As an example, Socrates exemplifies an attitude, “The Socratic attitude”, which can distinguish philosophical practice from therapy or from other forms of counseling. Socrates didn’t leave us any explicit thoughts on this attitude himself. It has to be reconstructed from the works of Plato. In this reconstruction lies a valuable experience for philosophical counselors. The goal of this workshop is to facilitate this in order to train philosophical counselors.
In this workshop we explore different aspects of the Socratic attitude as they emerge from the works of Plato. We will procede as follows:
(i) Six different text fragments from the works of Plato are handed out. Two by two participants study one of the text fragments;
(ii) They try to find the question which suits the text fragment best. No interpretation is allowed (yet), only questioning. The couples have to brainstorm, come up with questions and reach consensus on the best question;
(iii) The couples present their solution to the group;
(iv) The group questions the couple as much as possible. Why do they think the question they put forward, suits the text fragment best? The couple defends their opinion against the group;
(v) After each couple has presented their solution to the group, we compare the different solutions and explore the corresponding aspect of the Socratic attitude;
(vi) We evaluate the result.
An attitude is a set of interacting beliefs and desires, underlying our thoughts and actions. Each text fragment used in this workshop represents a different aspect of the Socratic attitude. Participants learn about these different aspects of the Socratic attitude in a Socratic way, e.g. by practicing the art of questioning. Thus, they experience the Socratic attitude. They also experience the Socratic way of life, e.g what it means to question people.
By presenting it on this meeting, I hope to develop the workshop further as a tool for training philosophical counselors in the Socratic attitude. I want to evaluate the selected text fragments and the way we procede with the participants.
|
A city walk through Rooterdam? Yes, you can.
You are invited....
As a tribute to a great pratical philosopher, Erasmus, who was born in Rotterdam, I invite you to a philosophical walk through town. We will visit several places of historical and philosophical interest and connect them with thought: first, the Pilgrim father church of Delfshaven, where the Pilgrim fathers left for America, a place to contemplate the relationship between individual concience and the state; second the age old statute of Erasmus in the centre or Rotterdam, a hallmark to contemplation of the humen being as such, third an example of mordern architecture, the HAL (Holland America Line) where many people left for the USA via the harbour of Rotterdam in the 19-20th century, to contemplate the relationship between human being and structure/order; and fourth we visit an example of post modern architecture to contemplate the self in the confusing modern times. We will visit the places and focus on the relationship between thought and place. The city of Rotterdam is very suitable for this. Because Rotterdam has been bombed in WO II it doesn't contain many old buildings anymore, and therefore thoughts prevail. Rotterdam is a modern city with a fascinating architecture. Men has been rebuilding its past in the future. We will read text fragments of philosophers at the places mentioned, try to make you think, to be conscious, and make you leave with an unforgetable experience of Rotterdam.
|
Quälende Fragen führen Besucher zur Philosophischen Praxis. Sie wissen zum Beispiel nicht, ob sie die Arbeitsstelle wechseln sollen, zu welcher Frau oder welchem Mann sie besser passen würden oder was sie mit ihrer Freizeit abfangen sollen. Oft sind diese Fragen verbunden mit einer existentiellen Krise oder einer schwerwiegenden Wahl. Die Fragen fordern den Philosophen auf zu reagieren. Da gibt es verschiedene Möglichkeiten: zuhören, verstehen, interpretieren, einen Beispiel anführen oder eine neue Frage stellen. Die Reaktion charakterisiert die Philosophische Praxis. Da muss der Philosoph sich unterscheiden vom Dokter, Psychologen oder Pfarrer. Sokrates hilft uns dabei. Er ist ein Vorbild für die Philosophische Praxis. Er zeigt uns die Attitüde vom Nicht-wissen. Diese Attitüde regt einen an zu untersuchen und nachzudenken. Sie enthält oft einen philosophischen Gedanken und kennzeichnet die Philosophische Praxis durch eine kritische Reflexion, die kein Therapeutiker sich leisten kann. Die Attitüde von Nicht-wissen aber steht im Widerspruch zur Antwort. Deshalb ist die Frage die Antwort der Philosophischen Praxis.
Nicht alle Fragen sind aber gute Fragen. Wir müssen lernen eine Frage zu stellen ohne Voraussetzungen, eine Frage die zum Nachdenken auffordert, eine Frage mit Kraft und Bedeutung an sich, so dass die Gäste der Philosophischen Praxis auf eigene Weise mit dem Problem fertig werden können. Meiner Meinung nach ist die „was ist X“ -Frage dazu am besten geeignet. Sie schaft den Raum für Gäste, sich selbst zu sein und sich selbst zu verstehen. Das bedeutet lernen. Wir müssen lernen zu leben mit einer Frage, die zur Authentizität und Weiterentwicklung der Person (Bildung) herausfordert. Die Kunst, eine solche Frage für unsere Gäste zu finden ist die Kunst des Philosophen in der Praxis.
Dr. Peter Harteloh
Philosophische Praxis Rotterdam, Niederlande
Sekretär der Niederländischen Gesellschaft für Philosophische Praxis.
|
Richting wijzen
"Een filosofisch probleem heeft de vorm: Ik weet de weg niet."
L. Wittgenstein.
|
Achenbach (grondlegger der filosofische praktijk); "Iedere waarachtige vertelling heeft haar nut, openlijk of verborgen. De ene keer bestaat dit nut in een moraal, de andere keer in een praktische raadgeving, of weer een andere keer in een spreekwoord of in een leeregel - de verteller is in ieder geval een man die "raad weet" voor de toehoorder."
Raad vinden in de filosofische praktijk. U bent er te gast. Het "consult" is een ont-moeting. Een ruimte tot denken, tot zijn, het zelf zijn.
|
Goethe: “Aan iedere leeftijd van de mens beantwoordt een zekere filosofie. Het kind blijkt een realist; want het is er net zo van overtuigd dat de peren en appels bestaan als dat het zelf bestaat. De jongeling, bestormd door innerlijke hartstochten, moet acht slaan op zichzelf en zich aanvoelen: hij verandert in een idealist. De man daarentegen heeft alle reden om scepticus te worden; hij doet er goed aan te betwijfelen of het middel dat hij voor een bepaald doeleinde heeft gekozen wel het juiste is. Alvorens hij handelt en in het handelen heeft hij alle reden het verstand beweeglijk te houden, opdat hij zich niet achteraf hoeft te beklagen over een verkeerde keus. De grijsaard echter zal zich altijd tot een mysticus bekeren. Hij ziet dat zoveel lijkt af te hangen van het toeval: het onredelijke slaagt, het redelijke gaat fout, geluk en ongeluk blijken onverwachts in balans; zo is het, zo was het, en de hoge ouderdom neemt genoegen met degene de is, die was en die zal zijn.”
Het leven is niet zo uniform als u denkt en de huidige consumptiemaatschappij u wil doen geloven. Bij iedere levensfase past een filosofie. De filosofische praktijk helpt u die te ontdekken.
|
Beuys heeft ooit een koffer genomen en op de binnenkant van de opengeslagen deksel een maggiflesje en Kant’s “kritiek der Reinen Vernunft” gemonteerd. Op dit boek van Kant had Beuys een stempel aangebracht met de tekst: “Ich habe keine Weekend”. In het denken is er geen vrije dag of weekend. Volgens Beuys is de tijd voor filosofie voorbij. Het tijdperk van het denken neemt echter een aanvang. Ieder mens is niet alleen een kunstenaar, maar ook is ieder mens een denker. Het denken is het vormende beginsel van het zijn. Het is niet ruimtelijk, maar temporeel van aard. In de scheppende kracht ervan speelt de filosofische praktijk een rol. Het denken dient het leven van de bezoeker daarbij niet van een of andere theorie, maar weer van de nodige aroma te voorzien.
|
Onlangs woonde ik een voordracht bij over Otl Aicher. Hij was vormgever ("designer") van beroep. Aicher werd bekend door de vormgeving van het olympisch stadion te München in 1974. Hij verzorgde ook de vormgeving van Lufthansa en andere bedrijven. Een mooi voorbeeld was zijn advies aan een bedrijf dat ooit gloeilampen maakte. Hij bracht het tot een conceptuele transformatie door te stellen dat niet de gloeilampen, maar “licht” het primaire product van het bedrijf was. Dit deed hij door kritische bevraging. De opdracht werd niet klakkeloos uitgevoerd, maar middels bevraging bracht Otto Aicher de opdrachtgever tot diens essentie, het zijn dat achter diens functioneren verscholen lag. Er vond een conceptuele transformatie plaats die het bedrijf in staat in te spelen op een dynamiek in de omgeving. De gloeilamp verdween, maar het bedrijf is nog immer succesvol in de productie van alles wat met licht te maken heeft. Bij een ander bedrijf dat haarden maakte slaagde Aichel niet. Hij kon hen niet overtuigen van het feit dat zij geen haarden, maar “warmte” maken. De haard verdween en daarmee ook het bedrijf. Een goede illustratie van het praktisch belang van filosofie. Tevens werd gewezen op diens houding. Aichel was geen filosoof, maar hij stelde net als Socrates kritische vragen aan diens opdrachtgevers. Deze vragen bewerkstelligden een verandering van inzicht, een perspectiefwisseling, zoals die ook in een welgeslaagde filosofische praktijk plaats kan vinden. Zo is het nut van de filosofische praktijk gelegen in het stellen van vragen. Het vinden van de juiste vraag is het antwoord van de praktische filosofie.
|
”Na eeuwenlang vanuit ivoren torens en sobere blokhutten te hebben neergekeken op de mens en zijn bedoeninkje, is de ijle lucht en eenzaamheid van het hooggebergte de filosofen van nu te veel geworden. Hun neiging om af te dalen naar de gewone mensenwereld en hun inzichten om te smeden tot kant-en-klare oplossingen voor dagelijkse problemen, is onweerstaanbaar geworden. Als filosofisch consulent willen ze voor de volle honderd procent meetellen en gevraagd of ongevraagd bedrijven en particulieren adviseren. Van diep gerespecteerde maar ongevaarlijke wereldverzakers zijn het eigenwijze wereldverbeteraars geworden.”, schrijft Henk van der Waal in een FEM Business recensie over het Boek “Geen pillen maar Plato” van Lou Marinoff, een bestseller van een Amerikaans filosofisch consulent dat daar overigens onder de title “Geen Prozac, maar Plato” verscheen. Prozac is kennelijk nog altijd teveel “business” om in de titel van een kritisch boek te verschijnen.
Vooral Marinoff’s poging het filosofisch consult als een alternatief voor psychotherapie te profileren en de PEACE methodiek daarbij naar voren te schuiven [Dr. Marinoff's signature five-step PEACE process shows you how to: identify your problem (P), express your emotions constructively (E). analyze your options (A), contemplate a philosophy that helps you choose and live with your best option (nal equilibrium (E).*] lijken voedingsbodem voor de kritische noot van de recensent. **
Nu is het zo dat er verschillende vormen van filosofische consultatie te onderscheiden zijn. Daarbij is er een Anglosaksische, meer therapeutisch gelijkende traditie waartoe Marinoff gerekend kan worden, een Duitse meer interpretatieve traditie waartoe Gerd Achenbach gerekend mag worden, en een Socratische, kritisch bevragende traditie waartoe Oscar Brenifier gerekend mag worden, te onderscheiden.
Bij al deze verschillende vormen of stijlen van filosofische consultatie, die naar mijn mening tot het repertoire van een professioneel filosofisch consulent zouden moeten behoren, blijkt het steeds weer van belang zich te verhouden tot of te onderscheiden van de reguliere psychotherapie. Het is daarom wellicht goed het verschil tussen het filosofisch consult en therapie nog eens naar voren te brengen. Uit dit verschil kan de eigenheid en de meerwaarde van het filosofisch consult worden afgelezen.
1. Therapie gaat uit van een probleem als anomalie, een afwijking van de normaal waarde of van de norm in de lichamelijke danwel psychische structuur of functie van een persoon. In deze zin is een probleem geen aangrijpingspunt van het filosofisch consult. De filosoof beschikt op voorhand niet over een normatief kader waarmee iets als een probleem kan worden gekwalificeerd. Juist het ontbreken ervan kenmerkt het consult bij de filosoof. Dit doet niets af aan de zaak zelf. De midlife crisis is bij de psycholoog een probleem, omdat de persoon daar in het licht van diens eigen normatief referentiekader tekort schiet. Dezelfde midlife crisis is bij de filosoof een gedachte die aanleiding geeft tot bevraging, teneinde de betekenis ervan te achterhalen. De vraag naar geluk is bij de psycholoog een probleem, omdat de meeste mensen deze niet stellen. Hij leest er een verholen depressie uit af en probeert de klant zo snel mogelijk van deze vraag af te brengen. De vraag naar geluk is bij de filosoof een uiting van welbewust filosoferen. Hij zal dit stimuleren en faciliteren vanuit diens kennis van een eeuwenoude denktraditie. Zo vormt niet het probleem, maar de gedachte of de vraag het uitgangspunt voor het filosofisch consult en verschilt het hierin fundamenteel van een therapeutische gesprekssituatie. Het filosofisch consult schept in beginsel al een ruimte of vrijheid voor de persoon om aan gangbare normatieve referentiekaders te ontsnappen.
2. Een therapie is een interventie naar aanleiding van een probleem met een beoogd effect. Het is te typeren middels een diachrone/lineaire structuur: van een probleem A wordt naar een oplossing B toegewerkt op een meer of minder gestructureerde wijze. Zo zijn cognitieve (gedrags)therapieën als het meest gestructureerd aan te merken. Meestal wordt gewerkt met een of andere stappenplan, feitelijk op te vatten als een soort training, om middels verandering van gedachten een verandering in gevoelens, emoties dan wel gedrag te bewerkstelligen. De Rogeriaanse “Client Centred Therapy” is als minst gestructureerd aan te merken met spiegeling en empathische gevoelsreflectie als hoekstenen van het gesprek. De (Freudiaanse) psycho-analyse zit daar tussen in. Hierin worden spiegeling en empathische gevoelsreflecties gebruikt om tot een verhaal te komen dat betekenis verleent aan het probleem. De systeemtherapie tenslotte past elementen van de drie genoemde hoofdvormen van psychotherapie tot op de persoon in relatie tot diens partners, gezin, aanverwanten of omgeving.
Het filosofisch consult daarentegen is gericht op het denken van het individu als zodanig. Filosofie is daarbij te typeren als een denken over het denken. Filosofie heeft een reflexieve structuur. Het is een cyclisch proces. In een gesprek betekent dit een opeenvolging van bevragen –>> interpreteren –>> begrijpen –>> conceptualiseren –>> bevragen –>> etc…Dit sluit aan bij een natuurlijk verloop van gedachten. Wanneer het denken in een geconstrueerde context plaatsvindt, het gesprek tussen klant en consulent, vindt een transitie plaats. Er ontstaat een cyclus van planning –>> uitvoering –>> toetsing ->> evaluatie –>> planning etc…Wanneer er een verdere integratie van de reflexieve cyclus in het leven van de persoon plaatsvindt, ontstaat er een filosofische praktijk.
3. Een therapie kent een specifieke rolverdeling tussen therapeut en klant/patiënt. De therapeut is daarbij de wetende, de patiënt de zoekende. In het filosofisch consult is de filosoof echter de (methodisch) onwetende. Vaak wordt dit de Socratische houding genoemd. De filosoof weet dat hij niet-weet. Let op! Er staat niet dat hij niets weet. Het gaat niet om feitenkennis o.i.d. Socrates exemplifieerde een houding van het niet-weten, die zich vertaalt in kritische vragen met als doel het denken bij de ander te stimuleren en te faciliteren. Dit betekent een andere rolverdeling. De filosofisch consulent is partner in een denkproces. Hij of zij zet niet alleen de klant aan tot denken, maar wordt ook door de klant tot denken aangezet.
Vanuit mijn ervaring als therapeut is dit laatste punt wellicht het meest pregnante verschil tussen therapie en filosofisch consult. De dokter of psychotherapeut wordt als wetende beschouwd en niet veronderstelt diens patiënt of cliënt kritisch te bevragen. De vragen van de therapeut vooronderstellen een antwoord. Zo stelt ook Dr. Phil veel vragen, maar als hij dat doet weet hij al wat het antwoord moet zijn en worstelt hij net zo lang tot hij dit van de anders loskrijgt. De dokter weet al dat roken slecht voor u is ok al vraagt hij waarom u nog rookt. De psychotherapeut weet al dat woede eigenlijk een uiting van verdriet over een verlies of tekortkoming is, ook al bent u boos. Het is een houding waarin ik me nooit zo heb thuisgevoeld. De neiging tot het stellen van kritische vragen was daarvoor te groot. De liefde voor de wijsheid middels de open bevraging past niet in een therapeutische setting en als deze liefde te groot is moet je die dan ook verlaten. Zo gezegd, zo gedaan. De filosofisch consulent is dan ook verre van een wereldverbeteraar. De houding daartoe ontbreekt hem. Hij wordt het slechts als hij zich als therapeut opstelt. Door diens PEACE methode en polemiek laadt Lou Marinoff deze verdenking helaas wel op zich. Met amerikaanse “diepgang” bespreekt hij in 20 bladzijden de geschiedenis van de filosofie of presenteert hij hitlijsten met filosofen. Daartegenover staat een rijkdom aan casuïstiek die de worsteling tussen de psychologisch en filosofische benadering toont en die zich in het licht van de drie behandelde verschillen tussen therapeut en filosofisch consulent waarderen laat.
P.P.M. Harteloh
Januari 2008
* Lou Marinoff, Geen pillen maar Plato. Filosofie al oplossing voor alledaagse problemen Amsterdam: archipel, 1999.
**Overigens treffen we een meer serieuze kritische bespreking van het werk van Marinoff aan bij Schlomit Schuster (2004).
|
 |
 |
|
|